Jouw situatie
Jij zei: de weerstand is hardop, met steeds een nieuw bezwaar.
Jij zei: de weerstand is stil. Iedereen knikt, en daarna schuift alles op.
Jij zei: eerst gingen ze mee, en nu haken ze af.
Jij zei: je hebt van alles gedaan, en de weerstand blijft.
En hij zit vooral in je eigen team. Tegen een leidinggevende zeggen mensen zelden als eerste wat hen dwarszit.
En hij zit vooral bij mensen waar je niet over gaat. Dan heb je alleen invloed, en die begint bij wat zij te verliezen hebben.
En hij zit vooral boven je. Ook een directie houdt vast aan wat nu goed genoeg werkt.
Elk bezwaar is een aanwijzing.
Wie hardop tegenspreekt, vertelt je wat hij te verliezen heeft: een werkwijze die goed genoeg werkt, of de vrijheid om zelf te kiezen. In elk nieuw argument van jou hoort hij vooral dat het hoe dan ook doorgaat.
Leg het morgen niet nog een keer uit. Vraag de drie luidste tegenstemmen wat het voor hen lastig maakt, en schrijf op wat ze zeggen. Daar staat wat je moet weghalen.
Knikken is de veiligste vorm van weerstand.
Ja zeggen kost niets. “We hebben er geen tijd voor” zeg je makkelijker dan “ik weet niet of ik dit kan”. Wat je in het overleg hoort, is daarom zelden wat mensen tegenhoudt.
Voer morgen één gesprek met één persoon. Vraag wat er in de praktijk lastig aan is en wat hij ervoor moet laten. Wat je dan hoort, komt in geen vergadering op tafel.
Het oude bleef de makkelijkste weg.
In het begin lette iedereen erop en ging het goed. Daarna won de gewoonte: het oude systeem stond er nog, de oude afspraken ook, en niemand vroeg meer naar het nieuwe. Dat ziet eruit als afhaken en voelt als weerstand.
Zoek morgen op waar het oude nog makkelijker is dan het nieuwe: een dubbele registratie, of een formulier dat nog bestaat. Haal er één weg en laat zien dat je dat deed.
Je hebt steeds harder geduwd. Wat tegenhoudt, staat er nog.
Uitleg, argumenten en druk werken allemaal aan dezelfde kant: ze duwen. De twijfels en de gemakken die mensen bij het oude houden, blijven staan. Zolang die er staan, levert harder duwen vooral meer tegendruk op.
Plan morgen geen nieuwe actie. Breng eerst in kaart wat mensen tegenhoudt. Daarna weet je wat je weghaalt.